Geef ons vleugels

 
1. Geef ons vleugels, leer ons vliegen als een grote adelaar,
al te zware ernst verliezen, al te zwart geloof weerstaan,
niet bekommerd blijven kniezen, maar verblijd uw route gaan.
 
2. Geef ons vleugels, leer ons vliegen duw ons uit ons donzen nest,
laat ons niet in leegte liggen, afgezonderd van de rest,
maar het volle leven kiezen en dat maken tot uw feest.
 
3. Geef ons vleugels, leer ons vliegen, overstijgen onze vrees
voor uw onbegrepen diepten en het doorzicht van uw Geest;
help ons drijven op uw liefde die ons bange hart geneest.
 
4. En als ons tijdens onze vlucht ineens de tweestrijd overvalt
en hoogtevrees ons hart bevangt, laat dan niet vallen uit de lucht
wie juist uit kracht van zijn geloof het hemelsblauwe ruim verkoos,
maar breng hen veilig op uw rug naar hun uitvliegplek terug.
 
5. Geef ons vleugels leer ons vliegen, zalig zweven op de wind,
ook in zorg de vrijheid vieren die u steeds weer voor ons wint,
niet in achterdocht bevriezen, maar weer worden als een kind.
 
 
Geef mij vleugels
 
Op de laatste dag van de maand mei vieren wij dit jaar het Pinksterfeest. Feest waarbij het gaat over mensen die in vuur en vlam staan. Wanneer hebt u dat voor het laatst meegemaakt? Dat u helemaal vol van iets was, waar u steeds aan moest denken en helemaal enthousiast voor was?
Sommige mensen hebben dat snel, voor anderen is dat wat moeilijker.
Voor mensen, die geloven heeft de Geest van God te maken met dat in vuur en vlam staan.
Nu is het altijd wat lastig om uit te leggen wat dan die Geest precies is. Je hebt daar bepaalde beelden voor nodig. Het beeld van vuur of van de wind, van de adem die in je is. Of het beeld, dat ik eens las en mij wel aansprak: het beeld van de poel en de stroom.
 
Stel je voor, dat je als mensen een poel bent. Zo’n stilstaande plas water. Dan roept dat iets op van rust en verstilling maar ook wel van saaiheid. Er gebeurt niet zo veel. Weinig vuur en vlam, zeg maar. Er zit geen beweging in en er is ook geen verbinding met de buitenwereld. Er komt niets nieuws bij en dus is de kans groot dat je langzaamaan op droogt.
Je zit zeg maar in quarantaine, in afzondering en eerst is dat misschien nog wel aangenaam maar langzamerhand vloeit de levenskracht uit je weg en is er weinig meer om voor te leven.
 
Het alternatief is de stroom opzoeken. Het vraagt misschien wat verbeeldingskracht, maar als mens kun je die onderstroom in het leven zoeken. Een stroom waardoor je steeds weer gevoed wordt, waardoor er nieuw water binnenkomt. Dat maakt je levend. Eigenlijk heb je altijd weer de keuze: ben ik een poeltje op mezelf? Of geef ik me over aan de levensstroom?
 
En dat laatste kan je helpen om het leven in een ander perspectief te zien. Meegaan met de stroom, je daar aan toe vertrouwen i.p.v. je op te sluiten in jezelf. Pinksteren vieren helpt om daar iets van te ontdekken. Dat die levensstroom te maken heeft met God zelf, die jou vasthoudt in zijn hand. Of, om het in de taal van het Pinksterverhaal te zeggen: je mee laten voeren op de wind van de Geest, die waait waarheen Hij wil.
Dat proef ik ook in het lied ‘Geef mij vleugels, leer ons vliegen als een adelaar’. Zo op het eerste gezicht is het natuurlijk grote onzin. We hebben geen vleugels en we kunnen niet vliegen. Dat zal ook nooit gebeuren, hoogstens in je dromen. Maar daarom geeft het juist zo prachtig aan, dat het leven vanuit de kracht van de Geest een totaal andere manier van leven is. Het lijkt onmogelijk. Maar het kan. Soms beleef je er ineens iets van, dan geeft je
geloof en je vertrouwen je vleugels. Het geeft je een ander perspectief, je stijgt wat meer boven alles uit.
Dat wij daar ook dit jaar op het Pinksterfeest iets van mogen ervaren.
 
Jan Willem Overvliet

© Gereformeerde Kerk Nijkerk   Leden   Account aanmaken?   ANBI   Privacy