Waar komt mijn hulp vandaan? Psalm 121.

Op Biddag 11 maart van dit jaar ging ik voor in Harskamp. De Bijbeltekst kwam uit: Spreuken 30:8----Maak me niet arm, maar ook niet rijk, voed me slechts met wat ik nodig heb---. Onze leefwereld was toen al aan het kantelen. We gaven elkaar geen hand meer. Een dag later—12 maart—kantelde onze leefwereld volledig door het corona virus: schud geen handen—blijf zoveel mogelijk thuis—verpleeghuizen werden gesloten voor bezoekers—tal van maatregelen kwamen over ons heen—op zondag 15 maart hadden wij onze eerste digitale kerkdienst—en daarna— allen hebben wij ons eigen verhaal—zomer 2020. Op Dankdag voor gewas en arbeid—4 november—staat Harskamp opnieuw op mijn preekrooster—hoe zal het dan zijn?

Bijbelboek Leviticus.
In de veertiende eeuw trok de pest door Europa en roeide een kwart tot de helft van de bevolking uit. Joden werden snel aangewezen als zondebok. Het gerucht ging dat de joden de ziekte veroorzaakten door waterputten te vergiftigen. Ook ontstond de indruk dat er in de joodse gemeenschappen minder slachtoffers waren, wat de joden in de ogen van velen verdacht maakte. In veel steden deden de autoriteiten weinig om de joodse gemeenschappen te beschermen of steunden juist het geweld. Paus Clemens VI probeerde de joodse gemeenschappen te beschermen door twee keer een pauselijke bul uit te brengen (1348). De pest maakte inderdaad onder de joodse gemeenschappen in verhouding minder slachtoffers. De reden hiervan ligt in het volgen van de joodse wetten die de nodige hygiëne eisen: een jood moet zijn of haar handen wassen voor het eten van brood en na het gebruik van de badkamer; ook was het gebruik voor joden om één keer per week voor de sabbat te baden. O.a. het bijbel boek Leviticus staat vol met wetten en maatregelen voor een gezonde hygiëne en leefstijl. Hier ligt ten diepste de oorzaak van de vele vervolgingen m.n. in Zuid-Europa waardoor duizenden joden moesten vluchten tot zelfs uiteindelijk naar Nijkerk toe. In onze stad kwam door de rituele reinigingswetten indertijd ook een badhuis voor vrouwen (Mikwe).

Waar komt mijn hulp vandaan?
Psalm 121 herinnert aan onze levensreis. Het herinnert ons: wij zijn mensen van onderweg. Op 11 maart—Biddag—baden wij om welzijn en welvaart. Wij baden om een goede reis door het jaar 2020---een reis met als spoorboekje: de bijbel---een reis met het spoorkaartje van Psalm 121. De dichter van deze psalm heeft een onzekere toekomst voor zich. Hij is pelgrim. Bedevaartganger. Hij was in Jeruzalem, in de tempel---daar kon hij offeren---daar werd zijn geloof versterkt---daar zong hij psalmen. Toen kwam het moment van vertrek. De terugreis naar huis gaat beginnen. Een lange gevaarlijke tocht. Een tocht door het gebergte---bochtige paden---diepe ravijnen---één stap te veel ---naar links---of rechts---kon de dood betekenen. De eenzaamheid van de bergen kon hem overvallen. En dan de wilde dieren: leeuwen en beren, wolven en jakhalzen. Of struikrovers---nietsontziende figuren. Of ontmoetingen met mensen met besmettelijke zieken---melaatsen. Misschien dacht de pelgrim wel aan de wetten uit Leviticus. Zo’n ontmoeting kon dodelijk zijn. Begrijpelijk dat hij zich afvraagt: waar komt mijn hulp vandaan?

Een psalm vol beloften.
Psalm 121 staat vol met Gods beloften: Hij zal je voet niet laten wankelen, hij zal niet sluimeren, je wachter. Nee, hij sluimert niet, hij slaapt niet, de wachter van Israël. Wij weten niet hoe de pelgrim reageerde op Gods beloften. Hier mogen we best blij om zijn---wij weten zijn reactie niet---want hierdoor komt er alle ruimte voor onze eigen reactie. De reactie van de psalmist beïnvloedt nu niet onze reactie---want---hoe reageren wij bij alle spanningen over het corona virus op de beloften uit Psalm 121: de Heer is je wachter, de Heer is de schaduw aan je rechterhand; overdag kan de zon je niet steken, bij nacht de maan je niet schaden. Wie leeft en schuilt bij deze God ervaart bescherming en beveiliging. Die leeft ook bewust naar alle maatschappelijke regels en beperkingen—hoe zwaar, hoe moeilijk ook voor velen. Economisch en relationeel. Wie leeft en schuilt bij deze God mag rekenen op bescherming. David zingt ergens: omdat Hij aan mijn rechterhand staat, wankel ik niet. In deze geborgenheid weet de pelgrim zich veilig: De Heer waakt over mijn leven, zelfs ook wanneer het kwaad mij treft -- Hij houdt de wacht---over mijn gaan en mijn komen---van nu aan tot in eeuwigheid.

Ds. Onno Doorn


© Gereformeerde Kerk Nijkerk   Leden   Account aanmaken?   ANBI   Privacy