feed-image RSS-feed
Het verhaal van Jorrit op zondagmorgen 15 september herinnerde de schrijfster aan haar jeugd in Nijkerkerveen.
 
School met de Bijbel
 
Toen ik zes jaar was ging ik, als oudste in ons gezin, alleen naar school. De ”oude school”, aan de Nieuwe Kerkstraat. Het was 1955 en in 1958 werd er een nieuwe school gebouwd, de C.J. van Rootselaarschool, aan de Van Noortstraat. 
Dit ging als volgt: Enkele straten moesten van school af en naar de nieuwe school. Onze straat, de Van Dijkhuizenstraat werd in tweeën verdeeld, de even nummers, onze buurkinderen, mochten op de oude school blijven. Wij, als bewoners nummer 3, de oneven nummers mochten (moesten) naar de nieuwe school. De eerste drie klassen zat ik op de oude school en in klas vier ging naar de nieuwe school. Mijn broer en zus, de tweeling, kwamen een jaar later. Zij gingen toen naar de derde klas.
Klas vier en vijf verliepen weer normaal. Maar toen kwam het: Er was onenigheid, waar wij geen weet van hadden. Maar de loonwerker Frans Haverlag en oom Peet Buitenhuis kwamen op bezoek en er werd gepraat. Waarover? Er moest een school komen op Gereformeerde grondslag.
En die kwam er! Wij werden alle drie weer van school gehaald en naar de nieuwe school gestuurd.
Mijn meester, Voskuilen, heeft alles uit de kast gehaald om mij op de school te houden, het mocht niet baten.
Het werden drie dubbele klassen. De tweeling in klas vijf en ik in klas zes, bij elkaar in de klas.
De nieuwe locatie werd het gebouw bij de Nederlands Hervormde Kerk, ”De Voorpost”.
De hoofdonderwijzer en tevens onze leraar, de heer Van der Sluis zou het Veen wel eens ”hervormen”! Een man met een driedelig grijs pak aan en een pijp. Door ons algauw ”de pijp” genoemd.  Wij konden alle drie redelijk meekomen, maar ineens hadden we allemaal onvoldoendes.
Mijn broer had helemaal geen zin aan leren en maakte er een potje van. Lag regelmatig met ”de pijp” overhoop. Mijn zus werd ziek. Had longontsteking en heeft drie maanden in het ziekenhuis gelegen.
Hierdoor kon zij drie maanden niet naar school. Dit hield in, dat zowel mijn broer als mijn zus, voorwaardelijk overgingen. Ging het niet goed in klas zes, dan werden ze terug geplaatst naar klas vijf. Dit betekende voor beiden, dat ze drie jaar bij deze ”hervormer” in de klas konden zitten.
Mijn ouders pleegden overleg en besloten werd ze van school te halen. Zo gingen zij in de zesde klas naar de Koningin Julianaschool, aan het Professor Eykmansplantsoen in Nijkerk. Ik ging inmiddels naar de Christelijke Landbouw Huishoudschool aan het Van Reenenpark in Nijkerk.
Het volgende jaar was ook mijn jongste broer leerplichtig en hij ging gelijk naar de Koningin Julianaschool. Mijn broer ging naar de Technische School aan de Wallerstraat en mijn zus kwam ook op de Huishoudschool.
Dit alles kwam niet ten goede aan onze opleiding, dat spreekt voor zich. Daar kwam nog bij, dat net als tegenwoordig, er niet altijd les gegeven kon worden. Bijvoorbeeld wanneer er een meester of een juffrouw ziek was. Dan kregen wij les van de schrijvende schoolmeester P. de Zeeuw J.Gzn. Hij was inmiddels met pensioen. Als schrijver was hij ook een goed verhalen verteller. Daarom hoorde bij zijn lesgeven ook altijd wel een (vervolg) verhaaltje. Sommigen (waaronder ik) vonden dat wel leuk. Anderen, vooral de jongens vonden dat niks en verstoorden zijn verhaal. Wat weer tot gevolg had, dat hij stopte met zijn verhaal en dan konden we gaan rekenen. Dat hebben we dus wel goed geleerd! 
 
Willy Klok- van Dasselaar
 

© Gereformeerde Kerk Nijkerk   Leden   Account aanmaken?   ANBI   Privacy